Affichage des articles dont le libellé est spraakkunst (theorie). Afficher tous les articles
Affichage des articles dont le libellé est spraakkunst (theorie). Afficher tous les articles

mercredi 29 avril 2020

Werkwoorden (verba) die op -TEN of -DEN eindigen; verbes se terminant par -TEN ou -DEN / de o.t.t. (onvoltooid tegenwoordige tijd), het presens; l'indicatif présent, le présent / Nederlands; néerlandais / spraakkunst, grammatica; grammaire

  • Grammaire de base / Basisgrammatica
  • Verbes néerlandais se terminant par -TEN ou -DEN / Nederlandse werkwoorden (verba) die op -TEN of -DEN eindigen
  • Emploi du présent, emploi de l'indicatif présent / Gebruik van de o.t.t. (de onvoltooid tegenwoordige tijd), gebruik van het presens
  • Conjugaison (exemples) / Vervoeging, conjugatie (voorbeelden)
  • Traduction multilingue / Meertalige vertaling
---------------
 l'indicatif présent / le présent
verbes se terminant par -TEN et -DEN
Klik op de afbeelding om die te vergroten! / Of klik rechts op de afbeelding 
om die in een nieuw venster open te doen!
Cliquez sur l'illustration pour l'agrandir! / Ou cliquez droit sur l'illustration 
pour l'ouvrir dans une nouvelle fenêtre!
---------------
Meertalige vertaling / traduction multilingue / multilingual translation / mehrsprachige Übersetzung / traduzione multilingue

praten : to talk / parler / sprechen, reden / parlare
spotten : to joke; to mock / railler; se moquer (de) / spotten / schernire, prendere in giro 
laten : to let / laisser / lassen / lasciare /
stoten : to bump (into), to run (into) / heurter / stoßen (gegen) / urtare, picchiare (contro)
loten : to draw lots / tirer au sort / losen / tirare a sorte, sorteggiare
letten (op) : to pay attention (to), to mind / faire attention (à) / achten (auf), Acht geben (auf) / fare attenzione (a), badare (a), stare attento (a)
besmetten : to contaminate, to infect / contaminer, infecter / anstecken, verseuchen, infizieren / contaminare, infettare
bijten : to bite / mordre / beißen / mordere
(zijn neus) snuiten : to blow (one's nose) / se moucher (le nez) / (sich) (die Nase) schäuzen / soffiarsi (il naso)

raden : 1) to guess 2) to advise / 1) deviner 2) conseiller / 1) erraten 2) raten / 1) indovinare 2) consigliare
bieden : to offer / offrir / bieten / offrire
redden : to save / sauver / retten / salvare
bloeden : to bleed / saigner / bluten / sanguinare
smeden : to forge / forger, battre (le fer) / schmieden / forgiare, fucinare, battere (il ferro)
bidden : to pray / prier / beten / pregare
leiden : to lead / mener, diriger / leiten, führen / condurre, guidare, dirigere
snijden : to cut / couper / schneiden / tagliare
---------------
 Diaspora / Pluspora : document 'werkwoorden (verba) op -TEN en -DEN' / jpeg-formaat
Doctissimo : document 'werkwoorden (verba) op -TEN en -DEN' / jpeg-formaat
Pinterest : document 'verbes se terminant par -TEN et -DEN' / format JPEG

lundi 15 juillet 2019

Onvoltooid tegenwoordig toekomende tijd [= o.t.t.t.], futurum (simplex) ; futur simple / grammaire; spraakkunst, grammatica / néerlandais; Nederlands

  • Le futur simple  / De onvoltooid tegenwoordig toekomende tijd [= de o.t.t.t.], het futurum (simplex), de toekomende tijd, de toekomst
  • Variantes non officielles : ottt, O.T.T.T., OTTT, O.Tk.T., OTkT / Niet-officiële varianten : ottt, O.T.T.T., OTTT, O.Tk.T., OTkT
  • Emploi de 'zal/zullen + infinitif' / Gebruik van 'zal/zullen + infinitief'
  • Grammaire néerlandaise / Nederlandse grammatica, Nederlandse spraakkunst
---------------
 Onvoltooid tegenwoordig toekomende tijd [= o.t.t.t.], futurum (simplex) 
OVERZICHTSTABEL
 Futur simple (en néerlandais) 
TABLEAU RECAPITULATIF
Klik op de afbeelding om die te vergroten!
Klik rechts op de afbeelding om die in een nieuw venster open te doen!
Cliquez sur l'illustration pour l'agrandir!
Cliquez droit sur l'illustration pour l'ouvrir dans une nouvelle fenêtre!
---------------
Diaspora / Pluspora : document 'Onvoltooid tegenwoordig toekomende tijd [= o.t.t.t.],
futurum' / jpeg-formaat
Doctissimo : document 'Onvoltooid tegenwoordig toekomende tijd [= o.t.t.t.], futurum' / 
format JPEG
Pinterest : document 'Onvoltooid tegenwoordig toekomende tijd [= o.t.t.t.], futurum' / 
jpeg-formaat
---------------
SOURCES  /  BRONNEN 

Taaladvies : 

Taaltelefoon : 

VRT Taal :

Van Dale :

Genootschap Onze Taal :

lundi 24 septembre 2018

L'adjectif possessif; het bezittelijk voornaamwoord (het possessief pronomen) / grammaire néerlandaise; Nederlandse spraakkunst (grammatica)

  • Grammaire néerlandaise : théorie / Nederlandse spraakkunst, Nederlandse grammatica : theorie
  • L'adjectif possessif / Het bezittelijk voornaamwoord, het possessief pronomen : bijvoeglijke vormen, niet-zelfstandige vormen
  • Transcription phonétique / Fonetische transcriptie
  • Activité de classe : rappel d'un point grammatical / Klasactiviteit : herhaling van een grammatica-item
---------------
Overzichtstabel : het bezittelijk voornaamwoord, het possessief pronomen : bijvoeglijke vormen (niet-zelfstandige vormen)
Tableau récapitulatif : les adjectifs possessifs
Klik op de afbeelding om die te vergroten! / Of klik rechts op de afbeelding om die in een nieuw venster open te doen!
Cliquez sur l'illustration pour l'agrandir! / Ou cliquez droit sur l'illustration pour l'ouvrir dans une nouvelle fenêtre!
--------------
Pinterest : document 'Adjectifs possessifs / Bezittelijke voornaamwoorden' en format JPEG
https://www.pinterest.fr/pin/319051954832209422/
https://i.pinimg.com/564x/f9/35/95/f935955323169cf87cde4254c9882798.jpg
Doctissimo : document 'Adjectifs possessifs / Bezittelijke voornaamwoorden' in jpeg-formaat
http://club.doctissimo.fr/profnlds/nederlandse-spraakkunst-neerlandaise-805740/photo/possessifs-bezittelijke-voornaamwoorden-27003037.html
Document 'Adjectifs possessifs / Bezittelijke voornaamwoorden' en format PDF
https://drive.google.com/file/d/1yXvl3uE1vbwi369QtRlTZ_ZY2ANADtID/view?usp=sharing

vendredi 14 septembre 2018

Exercice grammatical; grammatica-oefening / mots interrogatifs; vraagwoorden, interrogatieven : waar?, waar ... naartoe? / néerlandais; Nederlands

  • Grammaire de base / Basisgrammatica
  • Les mots interrogatifs : waar?, waar .... naartoe? / de vraagwoorden, de interrogatieven : waar?, waar .... naartoe?
  • Exercice de grammaire : poser des questions / grammatica-oefening : vragen stellen
---------------
 WAAR ?  / WAAR ......... NAARTOE ?

Bekijk de volgende voorbeelden

Waar is hij ?
Thuis

Peter is aan zee. ➛ Waar is Peter ?
Ik werk in de tuin. ➛ Waar werk je ?
Ze wacht aan de bushalte. ➛ Waar wacht ze ?
De directeur blijft in zijn auto. ➛ Waar blijft de directeur ?

Waar gaat hij naartoe ?
Naar huis

Hij rijdt morgen naar Brussel. ➛ Waar rijdt hij morgen naartoe ?
De kinderen gaan naar een feest. ➛ Waar gaan de kinderen naartoe ?
We lopen naar het postkantoor. ➛ Waar lopen jullie naartoe ?
Loes fietst naar het bos. ➛ Waar fietst Loes naartoe ?
---------------
Sclera picto's
---------------
Exercice / Oefening
Pose une question : choisis 'waar' ou 'waar ...... naartoe?' 
Stel een vraag : kies 'waar' of 'waar ...... naartoe?'

01) Ze heeft een mooi huis in Knokke.
..................................................................
02) Hij gaat met de bus naar school.
..................................................................
03) Ze vliegen maandag naar Londen.
..................................................................
04) Hans speelt op zijn kamer.
..................................................................
05) We blijven graag in de tuin.
..................................................................
06) Ik fiets morgen naar Nederland.
..................................................................
07) Ze lopen vlug naar de bioscoop.
..................................................................
08) Mijn kantoor ligt in het centrum van de stad.
..................................................................
09) Mijn huis staat op de hoek van de Kerkstraat.
..................................................................
10) Jan reist vaak naar Zwitserland.
..................................................................
Woordenschat ➛ vaak : souvent
11) Marijke gaat vanavond naar het restaurant.
..................................................................
12) Jan blijft binnen.
..................................................................
13) Het kopje staat op de tafel.
..................................................................
14) Mijn hond mag vrij lopen in de tuin.
..................................................................
Woordenschat ➛ vrij : librement
15) Wij rijden met de wagen naar Italië.
..................................................................
---------------
SOLUTIONS / OPLOSSINGEN

01) Waar heeft ze een mooi huis ?
02) Waar gaat hij met de bus naartoe ?
03) Waar vliegen ze maandag naartoe ?
04) Waar speelt Hans?
05) Waar blijven jullie graag ?
06) Waar fiets je morgen naartoe ?
07) Waar lopen ze vlug naartoe ?
08) Waar ligt je/uw kantoor?
09) Waar staat je/uw huis?
10) Waar reist Jan vaak naartoe ?
11) Waar gaat Marijke vanavond naartoe ?
12) Waar blijft Jan ?
13) Waar staat het kopje ?
14) Waar mag je/uw hond vrij lopen?
15) Waar rijden jullie met de wagen naartoe ?
Voorbeelden + oefening : waar?, waar .... naartoe? - format PDF
https://drive.google.com/file/d/1QzyJmT55zu7s7qG_zhrqYnPVFoK9AxwF/view?usp=sharing

lundi 21 août 2017

Grammaire : tevreden OVER, tevreden MET; content DE / voorzetsels, preposities; prépositions / grammatica, spraakkunst / Nederlands; néerlandais

  • Emploi des prépositions OVER et AAN avec l'adjectif qualificatif TEVREDEN / Gebruik van de voorzetsels (preposities) OVER en AAN met het bijvoeglijk naamwoord (het adjectief TEVREDEN
  • Grammaire néerlandaise / Nederlandse grammatica, Nederlandse spraakkunst
---------------

Travel city poster, wall decor, Amsterdam, SetiPosters
---------------

TEVREDEN OVER (content DE)
[iets als goed beschouwen; ermee ingenomen zijn / considérer quelque chose comme bien; être pleinement satisfait de quelque chose]

Hij is tevreden over zijn schoolresultaten.
Il est content de ses résultats scolaires, il est satisfait de ses résultats scolaires.
[Hij is ingenomen met zijn resultaten, hij vindt ze heel goed! / il est satisfait de ses résultats, il les trouve très beaux!]
---------------

TEVREDEN MET
[genoegen nemen met wat men heeft, met zijn lot; niet meer verlangen / se contenter de ce que l'on a, de son sort; ne pas en demander plus]

Hij is tevreden met zijn schoolresultaten.
Il se contente de ses résultats scolaires, il se satisfait de ses résultats scolaires.
[hij neemt genoegen met het resultaat, ook al had hij misschien nog hogere cijfers verwacht / il est content de ses résultats, même s'il avait peut-être espéré obtenir des points plus élevés]

Iemand kan dus tevreden zijn met iets
terwijl hij er niet (helemaal) tevreden over is. 
Quelqu'un peut donc se contenter de quelque chose
alors qu'il n'en est pas (tout à fait) content.
---------------

Document 'Tevreden OVER/MET' en format JPEG sur Pinterest : https://fr.pinterest.com/pin/319051954843087137/


Bronnen / Sources :

Th. Vindevogel, Het juiste voorzetsel, Lexicon van het voorzetselgebruik in het Nederlands, Uitgevrij Heideland-Orbis N.V., Hasselt.

Siegfried Theissen, Philippe Hiligsmann, Roland Lousberg, Nouveau dictionnaire contrastif des prépositions, français-néerlandais avec exercices, de Boeck.

Prisma van de voorzetsels, gids voor het gebruik van de juiste voorzetsel, Prisma-boeken, Uitgeverij Het Spectrum B.V., Utrecht

Taaladvies, Taalunie, Tevreden met/over : 

lundi 14 août 2017

Grammaire : PIJN AAN ..., PIJN IN ... / voorzetsels, preposities; prépositions / grammatica, spraakkunst / Nederlands; néerlandais

  • Emploi des prépositions AAN et IN avec le substantif PIJN / Gebruik van de voorzetsels (preposities) AAN en IN met het zelfstandig naamwoord (het substantief) PIJN
  • Grammaire néerlandaise / Nederlandse spraakkunst, Nederlandse grammatica
---------------
Amsterdam Skyline Paper Cut Art, HappyToasters
---------------

Pijn AAN ... ? Pijn IN ...?
---------------

Document 'Au ik heb pijn' en format JPEG sur Pinterest : https://www.pinterest.com/pin/319051954842993773/


Bronnen / Sources :
Prisma van de voorzetsels, gids voor het gebruik van de juiste voorzetsel, Prisma-boeken, Uitgeverij Het Spectrum B.V., Utrecht

jeudi 16 février 2017

Grammatica : conditionalis (presens), onvoltooid verleden toekomende tijd, o.v.t.t. / conditionnel présent / spraakkunst / grammaire / Nederlands; néerlandais

  • De onvoltooid verleden toekomende tijd (o.v.t.t.), de conditionalis (presens) / Le conditionnel présent
  • Gebruik van 'zou(den) + infinitief' / Emploi de 'zou(den) + infinitif'
  • Niet-officiële varianten : ovtt, O.V.T.T., OVTT, O.V.Tk.T, OVTkT / Variantes non officielles : ovtt, O.V.T.T., OVTT, O.V.Tk.T, OVTkT
  • Nederlandse spraakkunst, Nederlandse grammatica / Grammaire néerlandaise
---------------
Kinderdijk windmills - Panoramio

---------------
Onvoltooid verleden toekomende tijd [o.v.t.t], conditionalis (presens)
OVERZICHTSTABEL
Conditionnel présent (en néerlandais)
TABLEAU RECAPITULATIF

--------------- 

Document 'Conditionalis (presens), onvoltooid verleden toekomende tijd [o.v.t.t.]'  
en format PNG sur Pinterest : 
Document 'Conditionnel présent en néerlandais' en format PNG sur Doctissimo :
 Document 'Conditionalis (presens), onvoltooid verleden toekomende tijd [o.v.t.t.]'  
op Diaspora / Pluspora :
 
BRONNEN / SOURCES



vendredi 9 septembre 2016

Grammaire : ik werk voor school / ik werk voor de school - néerlandais - article défini

  • Questions linguistiques et grammaticales; grammaire néerlandaise: théorie / Taal- en grammaticavragen; Nederlandse grammatica, spraakkunst : theorie
  • Utilisation d'une préposition, suivie ou non d'un article défini / Gebruik van een voorzetsel (prepositie) met of zonder lidwoord (artikel)
  • Emploi ou omission de l'article défini / Gebruik of weglating van het lidwoord (het artikel)

Op school, Cornelis Jetses
---------------
Ik werk voor school / Ik werk voor de school
Wat is correct ?

Beide zijn correct, maar er is een betekenisverschil. / Les deux sont corrects, mais il y a une différence de sens.

Ik werk voor (de) school.


Het lidwoord 'de' kan hier staan, maar kan ook worden weggelaten. Als het lidwoord achterwege blijft, gaat het niet over een welbepaalde school, maar om 'school' in het algemeen. / 

L'article 'de' peut être utilisé dans ce cas, mais peut être également omis. Quand l'article défini est absent, il ne s'agit pas d'une école bien définie, mais de l'école en général.

(1) Ik werk voor school.
(2) Ik werk voor de school.

In zin (1) gaat het niet om een welbepaalde school, maar om onderwijs in het algemeen. Zin (1) betekent dan 'ik maak mijn huiswerk, ik ben aan het studeren'. In zin (2) gaat het wel om een welbepaald exemplaar, dat eventueel ook nader kan worden gespecificeerd in een nabepaling. Bijvoorbeeld: 'ik werk voor de school (die gisteren in het nieuws kwam)'. /  


Dans la phrase (1), il ne s'agit pas d'une école bien définie mais de l'enseignement en général. La phrase (1) signifie alors 'je fais mes devoirs, je suis en train d'étudier'. Dans la phrase (2), il s'agit en fait d'un élément déterminé qui, éventuellement, peut faire aussi l'objet d'une précision par l'emploi d'un élément explicatif. Par exemple: 'je travaille pour l'école (qui a fait hier la une des journaux)'.


Vergelijkbaar zijn : / Cas analogues:

(3) Ik ga naar kantoor. (algemene betekenis: 'naar mijn werk') / (sens général: 'au travail')
(4) Ik ga naar het kantoor. (een bepaald kantoor, bijv. het kantoor van de baas) / (un certain bureau, par ex. le bureau du patron).
(5) Hij kruipt in bed. (algemene betekenis: 'hij gaat slapen') / (sens général: 'il va dormir')
(6) Hij kruipt in het bed. (concreet: een welbepaald bed, dat al eerder in de context aan bod kwam) / (concret: un lit déterminé qui a déjà été mentionné auparavant dans le contexte).

Voor de praktijk van het taalgebruik is het verschil tussen de concrete en en de algemene betekenis soms van weinig belang. / 

Dans la pratique courante de la langue, la différence entre le sens concret et le sens général est parfois de peu d'importance.

dimanche 28 août 2016

Er is / zijn een televisie, een dvd-speler, een wekkerradio ... (singulier ou pluriel?) - grammaire - néerlandais

  • Questions linguistiques; grammaire néerlandaise : théorie / Taalvragen; Nederlandse grammatica, spraakkunst : theorie
  • Singulier ou pluriel / Enkelvoud (singularis) of meervoud (pluralis)
  • Il y a / Er is, er zijn

    Communicatie - televisie
    ---------------
    Welke zin is correct? / Quelle phrase est correcte?
    - Er is een televisie, een dvd-speler, een wekkerradio ...
    - Er zijn een televisie, een dvd-speler, een wekkerradio ...
    ---------------

    Je kunt eigenlijk kiezen. Beide zijn correct!
    Het onderwerp in deze zin, namelijk 'een televisie, een dvd-speler, een wekkerradio', kun je als meervoudig beschouwen. De persoonsvorm kan dus in het meervoud staan: 'Er zijn een televisie, een dvd-speler, een wekkerradio.' 
    Als je de zin echter beschouwt als een samentrekking ['Er is een televisie, (er is) een dvd-speler, (er is) een wekkerradio.'], is het ook mogelijk om een enkelvoudige persoonsvormte gebruiken.
    Vermoedelijk zullen veel taalgebruikers spontaan kiezen voor deze enkelvoudige persoonsvorm: 'Er is een televisie, een dvd-speler, een wekkerradio.'
    --------------

    A vrai dire, on peut choisir l'une ou l'autre forme. Les deux sont correctes!
    Le sujet dans cette phrase, à savoir 'une télévision, een lecteur DVD, un radio-réveil', peut être considéré comme étant multiple. Le verbe conjugué peut donc être mis au pluriel: 'Er zijn een televisie, een dvd-speler, een wekkerradio.' 
    Cependant, si on considère qu'il s'agit d'une contraction  de phrase ['Er is een televisie, (er is) een dvd-speler, (er is) een wekkerradio.], il est également possible de metttre le verbe au singulier. Il est fort probable que beaucoup d'usagers de la langue choisiront spontanément la forme verbale conjuguée au singulier: 'Er is een televisie, een dvd-speler, een wekkerradio.'